Zorg

De zorg van onze leerlingen  

Alle scholen hebben zorgplicht. Dat betekent dat we samen met andere scholen verantwoordelijk zijn voor het bieden van een passende onderwijsplek voor elk kind. Hierbij staat voorop dat zoveel mogelijk kinderen naar een reguliere basisschool gaan.

 

Passend Onderwijs binnen Eenbes Basisonderwijs

Als school van Eenbes Basisonderwijs willen wij uw kind passend onderwijs bieden, zo veel mogelijk thuisnabij. Heeft uw kind meer nodig dan de professionals van onze school kunnen bieden? Dan zoeken we samenwerking. We halen extra expertise onze school in, of we kijken welke school van Eenbes Basisonderwijs beantwoordt aan de ondersteuningsvraag van uw kind. We hebben deze manier van werken beschreven in het Eenbes Bestuurs Ondersteunings Profiel (BOP). De complete versie van het BOP vindt u op de website van Eenbes Basisonderwijs. Daarin staat beschreven welke basis-ondersteuning aanwezig is op onze scholen per kern/gemeente: Geldrop-Mierlo, Heeze, Laarbeek en Nuenen.

 

De basisondersteuning bij Eenbes Basisonderwijs:

  • Alle scholen voldoen aan de basiskwaliteit die de onderwijsinspectie vraagt.
  • Eenbes Basisonderwijs heeft een vast team van psychologen, orthopedagogen, ambulante begeleiders en coaches die de scholen adviseren en ondersteunen.
  • Het Eenbes Expertise Netwerk bestaat uit lerende netwerken. Daarin vergroten onze leerkrachten hun expertise, o.a. op het gebied van gedrag, taal, rekenen en sociaal-emotionele ontwikkeling.
  • Eenbes Basisonderwijs heeft 7 plusklassen, verdeeld over 3 gemeenten: Geldrop-Mierlo, Laarbeek en Nuenen. De leerkrachten van de plusklassen ondersteunen de scholen bij het creëren van een afgestemd aanbod. Hoogbegaafde kinderen bezoeken de plusklas een dagdeel per week voor een ondersteunend aanbod.
  • Eenbes Basisonderwijs biedt tijdelijke arrangementen aan kinderen met een bijzondere ondersteuningsbehoefte en aan leerkrachten die extra expertise nodig hebben. Dit gebeurt per kern: Geldrop-Mierlo, Heeze, Laarbeek en Nuenen, maar ook per school.
  • Eenbes Basisonderwijs is ook het bestuur van de Van der Puttschool in Geldrop: een school voor speciaal basisonderwijs (SBO). Kinderen kunnen hier terecht voor een (tijdelijk) arrangement SBO in kleinere klassen met speciaal opgeleide leerkrachten.

 

We doen alles om tegemoet te komen aan de ondersteuningsvraag van uw kind. We vinden het belangrijk dat ieder kind kan meedoen, zich kan ontwikkelen en kan leren. Toch is het niet altijd mogelijk om volledig ‘inclusief’ onderwijs te bieden waarin we iedereen de begeleiding bieden die nodig is. Er ligt een grens wanneer:

  • de veiligheid van het kind, de groep of de leerkracht in gevaar komt;
  • er in het systeem om het kind heen grote problematiek speelt waarbij maatschappelijke partners hun rol niet (kunnen) waarmaken;
  • een kind zich onvoldoende ontwikkelt, nauwelijks groei laat zien, zich niet meer fijn voelt of structureel grensoverschrijdend gedrag laat zien.

In deze gevallen bekijken we samen met u en uw kind wat de best passende plek is. We werken daartoe samen met de andere schoolbesturen in het Samenwerkingsverband Helmond-Peelland.

 

Passend Onderwijs binnen het onderdeel Onderwijs van het Kindcentrum

Op onze school streven we ernaar dat alle kinderen de ondersteuning en aandacht krijgen die ze nodig hebben. Wij gaan uit van wat het kind kan en van wat het nodig heeft. Een vakkundig team staat klaar. Wij werken samen met externen. Het speciaal basisonderwijs blijft bestaan: als het echt nodig is, kan een kind een verwijzing krijgen. Onze zorgstructuur ziet er als volgt uit:

 

Fase 1: signalering in de klas door leerkracht door middel van methodetoetsen, Citotoetsen, observaties, ZIEN en Kijk!. Opstellen lijsten Zorgniveaus op het cognitief gebied, maar ook sociaal emotioneel.

 

Fase 2: Groepsbespreking waarin alle kinderen besproken worden. Naar aanleiding van de bovengenoemde bevindingen worden er handelingsplannen gemaakt en dit wordt met ouders overlegd.

 

Fase 3: Consultatieve Leerlingbegeleiding met leerkracht, IB en orthopedagoog van het Expertise Netwerk. Dit gaat vaak over problemen die verdere expertise vereisen. De orthopedagoog kan bijvoorbeeld gedragslijsten laten invullen etc. of ouders het advies geven om hun kind verder te laten onderzoeken.

 

Fase 4: Zorgteam (GGD, CMD, EC, IB, Leerkracht, logopedie). Dit gaat over kinderen met complexe, meervoudige problematieken die vanuit meerdere kanten aangepakt moeten worden. Een arrangement kan aangevraagd worden om een plaatsing op het SO (Speciaal Onderwijs) of SBO (Speciaal BasisOnderwijs) te voorkomen. Er vindt pas onderzoek plaats vanuit school als een kind is ingebracht in het zorgteam.

 

Fase 5: verwijzing naar een andere basisschool, het SBO of SO

 

Speciale basisschool

Soms kunnen we kinderen op onze school niet optimaal begeleiden en komen we met de ouders tot de conclusie dat het kind beter op zijn plaats is op een speciale school.

Verwijzing gebeurt altijd in zeer nauw overleg met en met medewerking van de ouders en middels een uitgebreide procedure. Zo moeten er de nodige gegevens over het kind beschikbaar zijn. Die worden verkregen door onderzoeken en testen en observaties van het kind. Ook de visie van de ouders is erg belangrijk.

Al deze gegevens krijgen een plaats in een Toelaatbaarheidsverklaring. Hiermee vragen we een plaatsing aan voor SBO.

 

Arrangement

We hebben de mogelijkheid om bij het bestuur een arrangement aan te vragen om te voorzien in de ondersteuningsbehoefte. Het arrangement (vaak in de vorm van extra hulp voor het kind door deskundigen van buiten de school en ondersteuning van de leerkracht) is bedoeld om de kinderen zolang mogelijk op de basisschool te behouden. Of dat in alle gevallen lukt, moet van jaar tot jaar worden bekeken.

 

Meerbegaafd

Speciale zorg verdient ook het kind dat het leren meestal als erg gemakkelijk ervaart. We bieden deze meerbegaafde kinderen verdiepings- en verrijkingsstof. Dat zijn vaak extra moeilijke taken die de kinderen uitvoeren in plaats van het inoefenen van de basisstof. In uitzonderlijke gevallen laten we zo’n kind versnellen; twee leerjaren in één jaar doorlopen.

Daarnaast beschikken de Eenbesbasisscholen over de Br1bes (de plusklas) voor kinderen van groep 4 t/m 8. Hiervoor worden kinderen door de leerkracht aangemeld. Om toegelaten te kunnen worden tot de Br1bes wordt een toelatingsprocedure gehanteerd. 

 

Doubleren

Doubleren of zittenblijven is op onze school mogelijk, maar alleen als we ervan overtuigd zijn, dat het kind daar baat bij heeft. Een beslissing daartoe wordt, net als bij alle andere vormen van speciale zorg, altijd in overleg met de ouders genomen.

 

Dyslexieprotocol

Op onze school wordt het dyslexieprotocol gehanteerd. Het dyslexieprotocol waarborgt dat kinderen al vanaf het begin worden geobserveerd om eventuele signalen op te vangen die zouden kunnen wijzen op latere leesproblemen. Vooral na het aanvankelijk lezen kan via toetsing achterhaald worden of kinderen leesproblemen, misschien dyslexie, hebben. Wij zetten het leespreventieprogramma BOUW! in.

 

Het kan zijn dat uw kind in aanmerking komt voor een specialistische behandeling via de gemeente. Sinds 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk voor onderzoek en behandeling. Zij hebben hiervoor contracten afgesloten met jeugdhulporganisaties. De gemeenten in Zuidoost Brabant hebben hier samen afspraken over gemaakt.

 

Ernstige enkelvoudige dyslexie (EED)

Onze school heeft de kennis om kinderen met taal- en leesproblemen te begeleiden. In de meeste gevallen kunnen we kinderen met dyslexie de begeleiding geven die ze nodig hebben. Het kan echter voorkomen dat een probleem zo complex is, dat de begeleiding op school niet voldoende aanslaat. In dat geval wordt een kind verwezen naar meer gespecialiseerde hulp.

Wanneer bij een kind ernstige dyslexieklachten worden geconstateerd en er is geen sprake van een combinatie met een andere stoornis, dan is er sprake van EED (Ernstige Enkelvoudige Dyslexieklachten). Het kind komt dan in aanmerking voor een specialistische behandeling via de gemeente. De gemeente is in geval van EED verantwoordelijk voor onderzoek en behandeling. Zij hebben hiervoor contracten afgesloten met jeugdhulporganisaties. De gemeenten in Zuidoost Brabant hebben hier samen de volgende stappen over afgesproken:

 

Stap 1: De school signaleert lees- of spellingsproblemen en/of mogelijke dyslexie. De school biedt ondersteuning volgens het dyslexieprotocol. De school legt een leesdossier aan. Hierin staat beschreven welke hulp de school biedt en welke resultaten hierbij gehaald worden.

Stap 2: Wanneer blijkt dat de ondersteuning op school niet voldoende aanslaat en er een vermoeden is van EED, dan kunnen ouders een aanvraag indienen voor onderzoek naar EED (diagnostisch onderzoek). Deze aanvraag wordt ingediend bij een door de gemeente gecontracteerd onderzoeksinstituut.

Stap 3: Een volledig en inhoudelijk correct leesdossier is een primaire voorwaarde voor toekenning van diagnostiek. Dit dossier dient bij de aanvraag bijgevoegd te worden. Na goedkeuring verstuurt het instituut de aanvraag naar de gemeente.

Stap 4: De gemeente geeft toestemming voor diagnostiek en behandeling (indien er sprake is van EED).

Stap 5: Wanneer het leesdossier volledig is en het diagnostisch onderzoek wordt toegekend, krijgen de ouders een schriftelijke beschikking thuisgestuurd. Vervolgens wordt het onderzoek gestart. Als er daadwerkelijk EED wordt vastgesteld, wordt er een beschikking opgemaakt, zodat het kind behandeld kan worden.

Stap 6: Het kind wordt onderzocht en behandeld wanneer er inderdaad sprake is van EED.

 

De volledige regeling kunt u nalezen op de site van het Samenwerkingsverband Helmond-Peelland PO www.swv-peelland.nl  onder het kopje downloads. Daar vindt u ook alle adressen van contactpersonen en instanties.

 

Leerlijnen

Vanaf groep 6 is het mogelijk dat kinderen voor een bepaald vak een zgn. ‘leerlijn’ krijgen. De leerstof en de aanbieding daarvan worden zoveel mogelijk afgestemd op de capaciteiten en mogelijkheden van het kind, met als doel zo ver mogelijk uit te komen.

 

Leerling observatie en –volgsystemen

De vorderingen van de leerlingen worden door de leerkracht bijgehouden. Regelmatig zijn er toetsen over de behandelde leerstof. Daarnaast hanteert de school een leerlingvolgsysteem (CITO-LOVS). De centrale eindtoets is ook onderdeel van het Cito-lovs. Het gaat om toetsen met betrekking tot taal, technisch en begrijpend lezen, spelling en rekenen/wiskunde. De toetsen worden 2 maal per jaar afgenomen en staan in het rapport. Om de sociaal emotionele ontwikkeling te volgende gebruiken we de toetsing van ZIEN. In de kleutergroepen volgen we de leerlingen met KIJK.

Met deze toetsen krijgt de school een goed beeld van de vorderingen van de individuele kinderen en van de groep. De school ziet hoeveel een kind in een bepaalde periode heeft geleerd en kan dat vergelijken met andere kinderen in de groep en in Nederland. Met deze gegevens kan het onderwijs aan individuele kinderen, op groepsniveau of schoolniveau worden bijgesteld.

 

We plaatsen in de Vijfbladgids de uitslagen van Cito-eindtoetsen van de laatste vijf jaar. De scores van de Cito-eindtoetsen zijn echter niet altijd een uitdrukking van de opbrengst van de school. Zij vormen ook een uitdrukking van individuele verschillen tussen kinderen, zoals sociaal milieu, intelligentie en vaardigheden. Alle kinderen van groep 8 nemen deel aan de Centrale Eindtoets

(https://www.centraleeindtoetspo.nl/).

Juist de moeilijk meetbare kwaliteitsaspecten van een school, de zogenaamde leergebied overstijgende kerndoelen, geven de school haar specifieke karakter.

De school is in dat opzicht, datgene wat ze meer biedt, dan het Cito meet.

De Centrale Eindtoets is een van de instrumenten die een rol spelen bij de schoolkeuze van onze schoolverlaters. Deze toets heeft nog een andere functie; het is een indicatie voor de kwaliteit van ons onderwijs. De resultaten van de leerlingen worden ‘vertaald’ in een schoolrapport.

 

 

jaar

landelijk gemiddelde

Score Vijfblad

2016

534,9

539,4

2017

535,1

534,8

2018

534,9

540,3

2019

535,8

535,7

2020

CITO eindtoets is niet afgenomen i.v.m. de Coronacrisis.

 

Uitstroom naar het Voortgezet onderwijs

Er zijn in het afgelopen jaar 24 leerlingen naar het voortgezet onderwijs gegaan.

2 leerlingen gingen naar het VWO

2 leerlingen gingen naar  HAVO/VWO

2 leerlingen gingen naar de HAVO

3 leerlingen gingen naar VMBO-T/HAVO

5 leerlingen gingen naar het VMBO-T

5 leerlingen gingen naar het VMBO-kader / VMBO-T

1 leerling gingen naar het VMBO-kader of gemengd

3 leerlingen gingen naar het VMBO-basis/VMBO kader

1 leerling ging naar het VMBO-basisberoepsgericht